Wat komt er in de plaats van de ingetrokken Boskaart?

Met de Boskaart ambieerde de Vlaamse overheid een streng beschermingsregime in te voeren voor de “zonevreemde bossen” (dit zijn bossen die niet gelegen zijn in een bosgebied of natuurgebied) die door de Vlaamse regering zouden ingekleurd worden als “meest kwetsbare waardevolle bossen” (“MKWB”).

Die inkleuring zou tot gevolg hebben dat ontbossing – en dus a fortiori bebouwing – van die MKWB principieel verboden werd.

De Boskaart werd ingetrokken onder meer gelet op de slordige aanduiding van wat kwetsbaar en waardevol was en op het ontbreken van een behoorlijke compensatieregeling voor de gedupeerde eigenaars.

In plaats van de opmaak van een nieuwe (meer gefundeerde) Boskaart, voorziet het ontwerp-decreet tot wijziging van het Bosdecreet in een algemeen ontbossingsverbod voor alle bossen (in de zin van het Bosdecreet), ongeacht of het een MWKB is en ongeacht de bestemming van het terrein.

Het ontbossingsverbod zal bijgevolg – anders dan wat nu het geval is – ook gelden in woon- en industriezones en ook voor terreinen die gelegen zijn in een vergunde verkaveling.

Het voorgaande betekent dat, indien men een omgevingsvergunning voor het ontbossen of verkavelen wil bekomen, men voorafgaand aan die vergunningsaanvraag aan de Vlaamse regering een ontheffing van dat ontbossingsverbod zal moeten vragen.

Het Agentschap Natuur en Bos (“ANB”) zal over die ontheffing adviseren. ANB is verplicht hierover de gemeente te consulteren.

Wordt het ontheffingsverzoek geweigerd, dan zal u het terrein niet kunnen ontbossen, en a fortiori niet kunnen bebouwen.

 

Als de Vlaamse regering een ontheffing weigert, dan is zij verplicht om binnen de 4 jaar een ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vast te stellen waarmee de bestemming van het terrein wordt omgezet naar bosgebied. Dat plan zal aan de eigenaar recht geven op een planschadeschadevergoeding/eigenaarsvergoeding, die nu bepaald zal worden op 100% (en niet slechts 80% zoals voorheen) van het waardeverlies (cf. ontwerp-Instrumentendecreet).

 

Ondanks dat er een 100% compensatie in het vooruitzicht wordt gesteld, impliceert dit wel dat men als eigenaar 4 jaar op die vergoeding zal moeten wachten. Wat er gebeurt als het ruimtelijk uitvoeringsplan na 4 jaar niet definitief is vastgesteld, is bovendien niet voorzien.

 

Er gelden in woon- of industriegebied enkele uitzonderingen op het ontbossingsverbod, en dus op de noodzaak tot het vragen van een ontheffing op dat verbod.

 

Zo onder meer indien het bebost terrein behoort tot (1) een bos kleiner dan 1ha of (2) een bosgeheel kleiner dan 3 ha, waarvan maximum 1 ha gelegen is in woon- en industriegebied.

 

Dit betekent niet dat alle kavels kleiner dan 1ha van het ontbossingsverbod zijn vrijgesteld.  Indien ANB immers van oordeel is dat het bos op uw terrein samen met naastgelegen bossen op andere terreinen groter is dan 1 ha of behoort tot een bosgeheel van meer dan 3ha, dan zal het ontbossingsverbod (en de noodzaak tot ontheffing) nog steeds gelden. 

 

Het ontwerp-decreet bepaalt verder dat het ontbossingsverbod niet geldt indien de bestemming woon- of industriegebied van het terrein werd vastgesteld door een ruimtelijk uitvoeringsplan, bijzonder plan van aanleg of verkaveling, dat dateert van nà 1 mei 2000.

 

De methodiek voor de kwalificatie van een bos als zijnde een MKWB zal ook gewijzigd worden. Deze oefening zal ad hoc, perceel per perceel, gebeuren aan de hand van in essentie de biologische waarderingskaart. Er komt immers geen Boskaart meer waarin deze MKWB voor heel Vlaanderen worden aangeduid.  Bovendien zal er enkel sprake zijn van een MKWB indien het bos deel uitmaakt van een zonevreemd bos van minstens 1ha, en zal behoren tot een bosgeheel van minstens 3 ha.

 

Indien de Vlaamse regering, op advies van ANB, oordeelt dat het bos op uw terrein een MKWB is, dan is de kans dat u een ontheffing van het ontbossingsverbod zal krijgen nihil.  

 

Zoals voor de weigering van een ontheffing tot het kappen van “gewone” bossen, zal de Vlaamse regering ook in dit geval gehouden zijn om een ruimtelijk uitvoeringsplan vast te stellen binnen de 4 jaar, waarna de eigenaar aanspraak kan maken op een 100% planschadevergoeding/eigenaarsvergoeding.

 

Dit recht wordt in geval van een kapverbod van een MKWB door het ontwerp-decreet niet beperkt tot eigenaars van woon- of industriegebieden, en geldt bijgevolg ons inziens ook voor eigenaars van andere bestemmingszones (recreatie, landbouw, enz…).

 

De inwerkingtreding van het gewijzigde Bosdecreet zal bepaald worden bij uitvoeringsbesluit en het zal enkel toepasselijk zijn op omgevingsvergunningsaanvragen die worden ingediend na die inwerkingtreding.

 

Aangezien er een substantiële verruiming van het ontbossingsverbod aankomt, en er bijgevolg in de toekomst voor veel meer aanvragen een ontheffing zal moeten gevraagd worden (waarvan de toekenning in grote mate zal afhangen van het ANB-advies), is het raadzaam om omgevingsvergunningsaanvragen om te bouwen of te verkavelen die een ontbossing inhouden nog in te dienen vòòr de inwerkintreding van de decreetwijziging.